De Benzineloze Motor van Wardenier

Motor Principe uitleg is beschreven voor u op deze Pagina.

Wat was de auto industrie in de jaren 30 ?

In de jaren dertig hadden de meeste auto's een beperkte vermogen in PK's . Vaak maar tot 20-30 PK met een top snelheid van hooguit 80-90 km/uur.

Ook was de auto relatief licht, hooguit een 600 kg voor een T-Ford, DKW of Opel uit die jaren.

Het verbruik was van 12- 18 liter per 100 afgelegde kilometer. Meestal hadden de motoren reeds 4 cilinders met een motor inhoud tot 2.9 ltr. Tot die jaren waren de auto's voorzien van een 2 of 3 versnellingen(hand)bak.

Hiermee had Johannes Wardenier te doen in zijn uitdaging.

Wat is bekend over de Wardenier motor?

De Musical(2019) over Johannes Wardenier begon met een lied met de tekst; 'zijn motor is een Gods geschenk' .....de Duivel nam het weg.

Eigenlijk weten we erg weinig, er is weinig tastbaars te vinden over zijn motoren, onderdelen en technische tekeningen. Wel liet hij het bedoelde principe zien dat; omnivoor eigenschappen had, goed rendement(170-180 gram en epkh), geringe luchtverontreiniging Co, No, No2 + onverbrand. Een snelle vermogens regeling en trilling-geruisarme werking.

Johannes Wardenier las, op jonge leeftijd, artikelen uit de Metaalunie(vakblad), Leer van de Natuurkunde(1930-1939, Gerrits) en zich liet inspireren door andere uitvinders en hun 'Perpetuum Mobile" dromen. Ook het vakblad "De Metaalbewerker" uit augustus 1934 gaf extra soelaas aan de 'droom motor'. In dat blad werd weer ingegaan op een "Perpetuum Mobile Motor" om de crisis te bezweren. Johannes was toen al jaren bezig aan zijn missie.

Wel zijn er met zekerheid 'honderden' getuigen geweest die Johannes Wardenier zijn uitvindingen hebben aanschouwd bij demonstraties of wel bij hem thuis of elders.

Johannes idee en uitvinding was niet alleen de mooiste Start-up van de twintigste eeuw, maar 'schuurde' zand in de olie van de Olie Maatschappijen en hun verdienmodellen.

Johannes Wardenier liet bijvoorbeeld de wethouder Willem Muurling in 1934 de motor zien, zomer 1934, waarop de techneut Muurling erg van onder de indruk raakte. Ondanks dat de motor nog niet echt productie klaar was kwam uiteindelijk het in een stroomversnelling begin november 1934 toen de pers er lucht van kreeg. Wolvega werd "bestormd" door journalisten, kijkers, nieuwsgierigen en dagjesmensen. De lokale herbergen en pensions waren geheel uitverkocht en de middenstand beleefde een soort "Lourdes" effect van 'Het Wonder"!

.... Zwolse motor - en radiotechnicus Ing. Brandsma voor de aanwezige journalisten(1934) als expert wilde optreden en verklaarde; eerst geen geloof te hechten aan de uitvinding, maar na bestudering van het principe volkomen overtuigd te zijn geraakt!

Johannes Wardenier verklaarde tegen een journalist; "Nadat de gecomprimeerde lucht in cilinders zijn gepasseerd stroomt de lucht naar een luchtledige kamer die vacuüm blijft door een zijdelingse druk compressor met tegendruk, druk weer naar het reservoir wordt vanwaar ze eerst is gekomen."

Op 08-11-1934 stond er in het Leidsche Dagblad het volgende; "Een grote hoeveelheid lucht wordt samengeperst in een ketel(= buis). Dit geschiedt door een gewone kleine motor en gaat vooraf aan de eigenlijke functioneren van de twee motor ofwel de 'Brandstofloze Motor'. De samengeperste lucht wordt naar mijn motor geperst, die enkele cilinders bevat, waarvan de helft naar beneden en de andere helft naar boven werken. Eveneens als bij een gewone motor brengt de excentrieke schijf de draaiende beweging tot stand!

Het grote verschil is echter dat de lucht na de cilinders gepasseerd te zijn, naar een luchtledige kamer wordt gevoerd die luchtledig blijft, doordat door een zijdelingse drukcompressor met tegendruk de lucht weer naar het reservoir gevoerd wordt vanwaar ze eerst is gekomen. Er heeft dus een voortdurende circulatie plaats......."

Het principe brandstof emulsie lijkt me persoonlijk goed haalbaar. Gecomprimeerde lucht is altijd vochtige lucht, dus is er water zonder neutronen. Dit water kan stomen, daardoor versnellen de zuigers. Elke vier takt motor gaat dan veel efficiënter lopen.

Wardenier, de uitvinder van Wolvega, is vandaag(21-03-1935) in Utrecht. Hij houdt een lezing en zijn motor zal worden gedemonstreerd, zoo ongeveer stond er op grote aanplakbiljetten te lezen op verschillende plaatsen in de stad, op een reclamewagen, die werd rondgereden, en in advertenties in de bladen. Het ogenblik daartoe was niet slecht gekozen, op de laatste dag van de Jaarbeurs in 1935 ... Een technische uiteenzetting van de werking van den motor was volgens Wardenier nog steeds niet mogelijk, omdat de vereischte octrooien nog niet waren verkregen.

Maar iets wilde hij er toch wel van vertellen. De lucht wordt door een compressor op een zekere spanning in den cilinder gebracht Dan wordt er een soort waterstofgas  aan toegevoegd en vervolgens wordt het mengsel naar den motor overgebracht door enige cellen, waarin het verwarmd wordt om vervolgens weer te worden afgekoeld. Door een olie-tegendruk circuleert het mengsel en komt zoo doende weer terug.

Een zekeren tijd blijft de lucht op de goede spanning, maar deze spanning neemt allengs af en na enigen tijd moet de motor opnieuw worden bijgevuld. Wardenier garandeert evenwel dat de motor met een luchtdruk van 10 a 15 atmosferen 5 tot 8 uur achter elkaar kan werken. Met die garantie moet het publiek voorloopig tevreden zijn.

Er was echter na afloop gelegenheid tot het stellen van vragen, waarvan een ruim gebruik werd gemaakt. Wardenier gaf op alles zoo goed mogelijk antwoord, maar ij raakte op het laatst in zijn eigen cijfers verward. De elektrische energie voor den compressor en de verwarming bedroeg nog niet 1 K.W.U., en een technische interpellant rekende voor. Dat hij met zijn motor een rendement kreeg van over het 1000% procent. Toch was dit percentage volgens Wardenier maar liefst tachtig, wat nog veel is. als men in aanmerking neemt dat een Dieselmotor bijvoorbeeld 32 % rendement geeft. Een nieuwe uitvinding naast die voor den tijdsduur, gaf Wardenier voor de omstandigheid, dat de motor voor  een bedrag van 25 guldens een heel jaar kan loopen.

Hoeveel de kosten waren per P.K. had hij echter nog niet berekend. Op den duur ontstond er eenig rumoer onder de aanwezigen, waarvan een steeds groeiend aantal begon te vragen, da.t hij den motor eens zou laten loopen, opdat men tenminste iets zien kon. Dat ging echter niet, omdat er nog verschillende verbeteringen moesten worden aangebracht en men met buitenlandse fabrieken in bespreking was.

Er kwam wat afleiding in het technische debat, toon Wardenier bleek goed te vinden dat het publiek op het toneel den motor kwam bezichtigen.

Je moet ook nog eens bedenken dat toen Wardenier deze motor presenteerde de vorige(werkende) uit de hotel kamer werd opgehaald door de Centrale Inlichtingendienst. Dat bevestigd Hendrik Wardenier de oudere broer van Johannes. De zoon van Hendrikus , Jan(1937), heeft mij dit verteld in 2019.....

Binnen korten tijd stond het toneel vol met mensen, die den spreker met allerlei vragen bestormden. Kennelijk was het publiek in twee kampen verdeeld, die ook elkaar heftig bestreden. Voor allen bleef het echter een teleurstelling dat de motor niet op gang werd gebracht.

184e Jaargang. Vrijdag 22 maart 1935. No. 69. LEEUWARDER COURANT.

Wardenier schreef bij de tekening(die hij nog ens in 1953 maakte): 'Wanneer de lucht van de luchttank in de kast rondom de schuif komt en de schuif staat naar boven, dan vliegt de samengeperste lucht onder de schuif door het kanaal naar onder de zuiger, waardoor de zuiger omhoog gedrukt wordt.'

Wanneer de zuiger naar boven gaat, dan gaat de schuif langzaam naar beneden, waardoor de lucht boven de zuiger door een kanaal in de schuif komt. De schuif is namelijk hol van binnen. In de wand waarover de schuif glijdt, is een holte gemaakt met een gat erindat naar de buitenkant van de motor loopt.

De lucht vliegt dus nu door de schuif naar buiten, waar het in een huis komt en dan naar de andere schuifkast gaat. Wanneer de zuiger boven in staat, dan gaat de schuif door het draaien van de krukas iets naar beneden en komt de opening boven de schijf vrij, waardoor het kanaal onder de zuiger in de schuif komt en de lucht dus weer in de buis naar de andere schuifkast komt.

Onderin gekomen vindt hetzelfde weer plaats. Dus: schuif naar boven, lucht onder de zuiger, zuiger naar boven, lucht boven de zuiger gaat via poort in schuif en dan naar de buis. Dit proces herhaalt zich dus steeds maar weer.

Opmerkelijk dat op 12 maart 1935 hij, Wardenier, beweerde dat de ketel door een smid uit Steenwijk was gemaakt en afgekeurd. Dat was de firma J. de Jonge's ijzercontructie. 

Opmerkelijk dat hij ook op die bewuste 12de maart 1935 beweerde dat de motor een centrifugaal pomp nodig had....

Opmerkelijk dat hij verder nog beweerde op 12-03-1935 dat de ketel bestond uit samengeperste lucht(gas) met waterstofgas en een Italiaanse poeder(ijzer oxide). Het geheel had vijf schuifcilinders tijdens zijn demonstratie in cafe de Dragt, Wolvega. De eigenaar had van te voren reeds de motor bezien en liet de demonstratie dus doorgaan.....!

Een ingenieur en motoren bouwer K.K.(had mij opgebeld) vertelde mij in 2020 dat Johannes Wardenier een by-pass contructie gebruikte met tanks die hij op ongeveer 10 Bar zette met gecomprimeerde lucht. De kern van de waarheid dat dit kon liet de Fransman Guy Nègre zien met zijn MDI auto's die ook op gecomprimeerde lucht liepen. Zowel boven als onder de zuiger moet de druk van gecomprimeerde lucht komen. Een zijdelingse kamer met veel schotten zou de lucht op de hoeveelheid Bar moeten houden. Voordeel : 'Brandstofloze motor' !



Benzine gebruik bij automobielen jaren dertig

Auto's uit de tijd tot 1934 hadden een vermogen van maar 20 PK met een benzine verbruik van wel 18 L/100 km (foto genomen bij Steenwijk, 1934)

De motor die hier wordt getoond was(1935) een kopie van het origineel die in 1934 ontfutseld was. Deze foto werd genomen toen hij in Utrecht na de autobeurs een replica demonstreerde. Zijn motor type zou in plaats van de gebruikelijke max. 30% rendement motoren naar 80 % gaan. Je zou het een bezuinigings motor kunnen noemen!

Een compressie tank zorgde voor lucht. Deze tekening is uit 1934.Het gaat hier om een tekening voor een patent aanvraag.De motor zou zelf voor gecomprimeerde lucht moeten zorgen van een 30 Bar.De motor diende wel te worden opgestart met een beetje gas mengsel met ijzeroxide(explosie) en daarna was het implosie.Het idee van hete lucht motoren alias Stirling was niet echt het uitgangspunt van Wardenier.

Het principe van gecomprimeerde lucht is de basis van Wardeniers uitvinding geweest.

Warme lucht motor principe waar de koude lucht vooraf wordt verwarmd door een elektro motor en daarna in de cilinders stroomt. Afgekoelde lucht wordt via de compressie weer opgewarmd.

Op 21-12-1956 - No.51/52 Beschreef Het Nederlandse Motorweekblad van de K.N.M.V. een prachtig artikel over Johannes Wardenier.

Wardenier zijn beoogde 'schone' autobus was een bus voor de toekomst, prachtig getekend trouwens.

Benzine en lucht combinatie

De waarde van lucht is bepalend voor een brandstof motor. Leuke video uit de jaren dertig.

Auto techniek jaren dertig

Fabriek van Ford

Hoe een fabriek van Ford werkte.....een model voor de Wardenier Fabriek ?